Beroepsgericht leren spreken

Wat is de kernactiviteit van de leerlingen?

Leerlingen oefenen met de sociale rollen en praktijken die essentieel zijn voor hun (toekomstig) beroep door een spreektaak uit te voeren die past bij het beroepsprofiel waarvoor zij worden voorbereid of opgeleid in het (v)mbo.

Leerlingen oefenen tegelijkertijd met het uitvoeren van de beroepsrol en van de beroepstaal.

Hoe pak je dat aan?

Voorbereiding

De docent

  1. bereidt een beroepsspreektaak voor. Hij vertaalt het taalleerdoel ‘ik voer met … klanten gesprekken over eenvoudige en alledaagse werkzaamheden die ik als zelfstandig werkend kok uitvoer…’ naar taken als het toelichten van een gerecht aan een klant, de klant adviseren over de menukeuze, etc.
  2. zorgt voor twee rolkaarten (kok/gast) die rolspecifieke informatie bevatten en zorgen voor wat wrijving tijdens het gesprek, bijvoorbeeld: leerling A krijgt informatie over het dagmenu én instructie om het duurste menu te verkopen, leerling B krijgt informatie over zijn dieetrestricties (bv. allergieën).
  3. zorgt voor twee aanvullende rolkaarten waarin een kleine variatie in de oorspronkelijke informatie is aangebracht.

Uitvoer

  1. De docent introduceert het onderwerp en schenkt middels voorbeelddialogen (YouTube, dialogen uit lesmethodes, demonstratie door docent) aandacht aan de inhoudelijke, talige en strategische aspecten van de spreeksituatie: wat moest de spreker tijdens het gesprek voor elkaar krijgen? welke woordjes en grammatica gebruikte hij hiervoor? Wat deed hij om communicatieproblemen op te lossen?
  2. Leerlingen bestuderen zonder met elkaar te overleggen de informatie op hun rolkaart en denken na over hun rol en doel in het gesprek. Daarna bezinnen zij zich kort op de taal die zij nodig hebben om de taak op passende wijze uit te voeren.
  3. Leerlingen voeren de taak in tweetallen uit, waarbij zij beiden proberen hun doel te bereiken.
  4. Leerlingen kijken terug op het verloop van de taak aan de hand van vragen als:
    • In welke mate ben ik geslaagd in mijn missie? Is het mij gelukt om het duurste menu te verkopen / het menu te krijgen waarvan ze niet ziek zullen worden? Wat bemoeilijkte het laten slagen van deze missie?
    • Kon ik me goed genoeg uitdrukken en redden uit situaties waarin ik een woord niet wist, of er niet snel genoeg op kwam? Paste mijn taalgebruik bij de spreeksituatie?
  5. Waar nodig besteedt de docent extra aandacht aan belangrijke taalelementen of spreekstrategieën, eventueel aangevuld met extra oefening.
  6. Leerlingen doen de taak ‘verbeterd’ over en wisselen hierbij van rol. Hierbij gebruiken zij de rolkaarten waarop een kleine variatie in de informatie op de rolkaarten is aangebracht, zodat het verrassingselement in ronde 2 behouden blijft.

Werken met beroepstaken versterkt zowel hun taalbewustzijn als hun zelfvertrouwen.

Met welk effect?

Psychologisch: Leerlingen oefenen zowel met het uitoefenen van de beroepsrol als van de beroepstaal. Dit versterkt zowel hun taalbewustzijn als hun zelfvertrouwen bij het spreken in beroepssituaties (Van Batenburg e.a., 2019b). Spreekoefening wint hierdoor bovendien aan relevantie voor (v)mbo-leerlingen.

Praktisch: Uit onderzoek van Van Batenburg et al. (2019a), bleek dat oefenen met beroepsgerichte taken leidde tot beter gefundeerde en netter geformuleerde instructies en adviezen en meer volharding in het correct uitvoeren en afsluiten van het gesprek. Dit kwam de kwaliteit van de taakuitvoering, de inzet van taalmiddelen én de kwaliteit van de interactie, ten goede.

Wat je in de ene gebruikscontext leert, kan je niet automatisch inzetten bij communicatie in andere gebruikscontexten.

Waarom werkt het zo?

Wat je in de ene gebruikscontext leert, kun je niet automatisch inzetten bij communicatie in andere gebruikscontexten. Om de taalontwikkeling te optimaliseren, moet er dan ook sprake zijn van transfer-appropriate processing (Lightbown, 2008). Dit betekent dat de taken waarmee leerlingen oefenen, zoveel mogelijk moeten lijken op de taken die zij uiteindelijk moeten uitvoeren (bv. in hun beroep).

Meer weten?

  • Lightbown, P. M. (2008). Transfer appropriate processing as a model for classroom second language acquisition. In Z. Han (Ed.). Understanding Second Language Process (pp. 27- 44). Clevedon, UK: Multilingual Matters.
  • Van Batenburg, E. S.L, Oostdam, R. J., van Gelderen, A. J., Fukkink, R.G. & de Jong, N. H. (2019a). The Effects of Instructional Focus and Task Type on Pre-Vocational Learners’ Ability in EFL Oral Interaction. International Journal of Applied Linguistics. DOI: 10.1075/itl.18027.van.
  • Van Batenburg, E. S.L, Oostdam, R. J., van Gelderen, A. J., Fukkink, R.G. & de Jong, N. H. (2019b) Oral Interaction in the EFL Classroom: The Effects of Instructional Focus and Task Type on Learner Affect. Modern Language Journal (first view). DOI: 10.1111/modl.12545.

Auteurs:

Eline van Batenburg

Eline van Batenburg is werkzaam als docentenopleider en onderzoeker aan de Hogeschool van Amsterdam. Haar expertise ligt op het terrein van taak- en inhoudsgerichte didactiek, beroepsgerichte didactiek en taalgericht vakonderwijs. In 2018 promoveerde zij op een onderzoek naar beroepsgerichte gespreksvaardigheidsdidactiek in het vmbo.